Exoplaneet

Inleiding

Een exoplaneet is een planeet buiten ons zonnestelsel die net zoals een planeet binnen ons zonnestelsel om een ster draait. In de jaren 90 werden exoplaneten voor het eerst ontdekt. De technologie was in die tijd ver genoeg gevorderd om telescopen te maken die voldoende gevoelig waren. Ieder jaar worden nieuwe exoplaneten ontdekt. Op 3 juni 2013 staat de teller op 890 exoplaneten.

Zichtbaarheid

Planeten rond andere sterren zijn zeer zwakke lichtbronnen. De planeten stralen namelijk zelf geen licht uit, maar weerkaatsen het licht van de ster. Omdat de planeet meestal dicht bij de ster staat, wordt de planeet door de ster overstraald. Om deze reden is het heel lastig om exoplaneten te vinden met een telescoop.

Detectie

Een exoplaneet is niet altijd waar te nemen met een telescoop, maar er bestaan andere manieren om het bestaan aan te tonen.

Niet alleen draait de planeet om de ster, maar de ster ook een beetje om de planeet (Dopplerverschuiving).

Niet alleen draait de planeet om de ster, maar de ster ook een beetje om de planeet (Dopplerverschuiving).

Dopplerverschuiving
Door de zwaartekracht van een ster zal de planeet hier omheen bewegen. De ster wordt hierdoor ook een klein beetje in de richting van de planeet getrokken. Ze roteren rond een gemeenschappelijk zwaartepunt. Als de planeet groot genoeg is kan deze beweging vanaf de Aarde worden gemeten. Meestal zijn dit grote gasplaneten zoals Jupiter.

Transitmethode
De planeet dekt een deel van de ster af als hij in zijn omloopbaan tussen ons en de ster komt te staan. Hierdoor verandert de lichtintensiteit van de ster, en kan ook een berekening worden gemaakt van de omloopsnelheid van de planeet. Een planeet hoeft niet extreem groot te zijn om op deze manier te worden ontdekt.

Pulsars
Pulsars geven flitsen (pulsen) radiostraling met ongeveer regelmatige tussentijden. Een exoplaneet die rond de pulsar beweegt zorgt voor afwijkingen in de pulsar.

Zwaartekrachtlens
De zwaartekrachtlens- of gravitatielensmethode maakt gebruik van het microlens-effect. Het microlens-effect wordt veroorzaakt door een ster met een planeet, die voor een achterliggende ster schuiven. De zwaartekracht van het stelsel buigt het licht van de ster op de achtergrond af. Hiermee kan men relatief kleine exoplaneten ontdekken.

Stofschijven rond sterren
De waarneming van het stof in een draaiende schijf rond een ster kan leiden tot de ontdekking van een exoplaneet. De stof straalt in het infrarood.

Eclipserende dubbelsterren
Om elkaar draaiende sterren die elkaar verduisteren kunnen in hun lichtkrommes de aanwezigheid van een planeet verraden.

Soorten

De meeste exoplaneten die zijn ontdekt behoren tot de gasreuzen. Een gasreus heeft geen vaste bodem en bestaat voornamelijk uit gas. Ze zijn groot, zwaar en heet. Een gasreus draait relatief dicht om zijn ster, en is daardoor makkelijker te vinden. Op deze planeten kan men niet landen, en er is ook geen leven mogelijk. Dit betekent niet dat de meeste exoplaneten er zo uit zien. De kleine exoplaneten zijn gewoon minder makkelijk te vinden. Toch zijn er ook terrestrische exoplaneten ontdekt zoals de Aarde waarop men eventueel wel zou kunnen landen.

* Deze informatie is gedeeltelijk afkomstig van Wikipedia / Kennislink / InfoNu en is gedeeltelijk herschreven.